* Componisten van Klassieke Muziek  
zoeken
zoekterm onthouden en highlighten
periode
voor 500  Oudheid
500-1450  Middeleeuwen
1450-1600  Renaissance
1600-1750  Barok
1750-1820  Klassiek
1820-1910  Romantiek
na 1900  20ste Eeuw
na 1945  Modern
20STE EEUW
Samuel Barber  
Béla Bartók  
Alban Berg  
Leonard Bernstein  
Ernest Bloch  
Benjamin Britten  
Ferruccio Busoni  
Aaron Copland  
Claude Debussy  
Manuel de Falla  
George Gershwin  
Alberto Ginastera  
Paul Hindemith  
Gustav Holst  
Arthur Honegger  
Charles Ives  
Leos Janácek  
Aram Khachaturian  
Zoltán Kodály  
Victor Legley  
Gustav Mahler  
Bohuslav Martinu  
Olivier Messiaen  
Arthur Meulemans  
Herman Meulemans  
Darius Milhaud  
Carl Nielsen  
Carl Orff  
Francis Poulenc  
Sergei Prokofiev  
Maurice Ravel  
Ottorino Respighi  
Erik Satie  
Arnold Schönberg  
Alexander Scriabin  
Dmitri Shostakovich  
Jean Sibelius  
Richard Strauss  
  • Igor Stravinsky  
  • Karol Szymanowski  
    Michael Tippett  
    Joaquín Turina  
    Heitor Villa-lobos  
    Kurt Weill  
    Peter Welffens  

    © .Componisten.Net 2000-2017
    · Home · Links · Europees Skrjabin Genootschap sitemap 
    Galgje ·
    Akkoorden ·
    Gregoriaans ·
    Tijdlijn ·
    Muziektermen ·
    Componisten.Net ·
    Print deze pagina
    Igor Stravinsky
    » Rusland (Stijlperiode: 20ste Eeuw)

    Geboren: 17 juni 1882
    » Oranienbaum
    Overleden: 6 april 1971
    » New York

    Geselecteerde websites
  • The Stravinsky Page
  • Stravinsky's vader was baszanger aan de keizerlijke opera in St. Petersburg. Igor werd geboren op 18 juni 1882, en speelde op zijn negende reeds klavierreducties van de klassiekers. Als student maakt hij kennis met Rimski-Korsakov, die hem zonder veel overtuiging als leerling aanneemt. In 1905 voltooit hij zijn juristenstudies en in 1906 trouwt hij.
    Zeer belangrijk voor Stravinsky's componistenloopbaan was de ontmoeting met Diaghilev, die in Parijs aan het hoofd van de "Ballets russes" stond. Deze Russische choreograaf was de besteller van de meeste grote balletten waarmee Stravinsky definitief doorbrak. Omwille van de samenwerking vertoefde hij zeer vaak in Parijs, o.m. bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. Hij vestigt zich dan in Zwitserland. Na de oorlog (en dus ook na de revolutie van 1917), blijft hij voorgoed in Parijs en laat zich tot Fransman naturaliseren. In 1940, bij het uitbreken van de volgende Wereldoorlog, wijkt hij uit naar de Verenigde Staten en vijf jaar later verkrijgt hij zijn derde staatsburgerschap. De Stravinsky's woonden op een buitenverblijf in Beverly Hills (Hollywood, California). Op 6 april 1971 sterft hij in New York, en wordt volgens zijn eigen wens begraven op het Grieks-orthodoxe kerkhof te Venetië.

    Stravinsky was geen reeksencomponist: van weinig genres maakte hij meer dan enkele voorbeelden en we hebben de indruk dat hij graag van alles eens wilde proeven. Aan de andere kant kan gezegd dat hij voor elk genre zowat de room van de melk geschept heeft, ondanks zijn beperkingen als melodicus.

    Stravinsky moet een van de weinige componisten geweest zijn uit de muziekgeschiedenis die uitsluitend kon leven van de opbrengst van zijn composities, vooral dan door plaatopnamen. Nooit bekleedde hij een officiële functie als leraar of dirigent. Hij veranderde even gemakkelijk van nationaliteit als van stijl: zijn eerste werken waren nog zuiver laatromantisch in het genre van Rimski-Korsakov ("Eerste symfonie", "Feu d'artifice"); de grote balletten voor Diaghilev uit de Parijse periode zijn reeds veel ruw-expressionistischer van samenklank, en geschreven voor een groot orkest ("L'Oiseau de feu", "Petroechka" en "Le Sacre du Printemps"); daarna, wellicht door de oorlogsomstandigheden, schrijft hij voor een soberder bezetting ("Les Noces", "Renard", "Histoire du Soldat"); daarbij kwam een duidelijke terugkeer naar de klassieke vorm en samenklank naar voren, met als meest typische voorbeeld "Pulcinella", een balletsuite op thema's van Pergolesi. Dit procédé past hij later ook nog toe in "Le Baiser de la fée" (thema's van Tschaikovsky), "Jeu de cartes" (Rossini) en "Cantata" (Machault). In de religieuze muziek grijpt hij terug naar klassieke en Byzantijnse technieken ("Symphonie de Psaumes", "Mis" en "Canticum Sacrum"). Het laatste werk in (uitgesproken) neo-klassieke stijl is de opera "The Rake's Progress", die op het eerste gehoor van een ontspoord barokcomponist zou kunnen zijn.

    Stravinsky leidde niet het onstuimige leven van een romanticus: hij werkte zeer intensief en regelmatig. Zijn naturalisaties waren niet tegen Rusland en Frankrijk gericht, maar uit opportunisme om administratieve, juridische en fiscale moeilijkheden te vermijden. Door de revolutie had hij het grootste deel van zijn familiefortuin verloren, en dat noopte hem tot een "voorzichtige" financiële politiek, die velen als schraperigheid beschouwden. Hij trachtte zich gewoon financieel veilig te stellen om zijn vrijheid niet te verliezen.

    De grootste stijlsprong maakt hij ongetwijfeld in 1952 , toen hij zich onder impuls van zijn medewerker (volgens sommigen de eigenlijke vader van de composities uit deze periode) Robert Craft bekeert tot de dodecafonie, zonder echter slaaf te worden van deze seriële techniek in de atonaliteit. Ofschoon hij in de VS als het ware buur van Schönberg was, had hij er nooit contact mee, tenzij postuum en geestelijk door deze ommekeer. Deze stap heeft hem heel wat vrienden en bewonderaars gekost, w.o. de dirigent Ernest Ansermet.

    » Nieuws bij GOOGLE (engelstalig)
    » Afbeeldingen bij GOOGLE